Stan - Gitarist, Spaanse Gitaarmuziek, Bossa Nova, Spaanse Muziek
 

 

 

COMPONISTEN

Biografie W.A. Mozart

© Hayo Beerens – http://www.degitarist.nl

Mozart, Wolfgang Amadeus

(Salzburg 1756 - Wenen 1791)

Oostenrijks componist. Het oeuvre van Mozart omvat alle muzikale genres. Hij wordt beschouwd als een der grootste meesters der muziek door zijn buitengewoon grote vakmanschap, zijn muzikale inventie en zijn vermogen karakters muzikaal gestalte te geven.

Wolfgang Amadeus Mozart (doopnamen Joannes Chrysostomus Wolfgangus Theophilus (in het Latijn: Amadeus) werd op 27 januari 1756 te Salzburg geboren. Evenals zijn zuster, Maria Anna (Nannerl Mozart; 1751-1829), bleek hij een wonderkind en werd hij opgeleid door zijn vader, Leopold Mozart (1719-1787), die componist, violist en muziekpedagoog was. Op vijfjarige leeftijd begon hij te componeren. In 1762 waren beide kinderen al zo bekwaam in het spelen (waaronder ook improviseren) op toetsinstrumenten dat ze onder leiding van hun vader concertreizen maakten, naar München en Wenen.

Op een inspannende, maar succesvolle tocht die de familie Mozart van 1763 tot 1766 ondernam door Duitsland, de Zuidelijke Nederlanden, Frankrijk, Engeland, de Noordelijke Nederlanden en Zwitserland, trad Wolfgang veel op met zijn vader en zuster. Hij begon op deze reis symfonieën en vocale muziek te componeren. Een reis in de jaren 1767-1769 bracht het gezin Mozart o.a. naar Wenen, waar Wolfgang opdracht kreeg tot het schrijven van de komische opera La finta semplice , die daar echter door allerlei intriges niet werd opgevoerd. Verder componeerde hij er o.a. het zangspel Bastien und Bastienne en zijn eerste mis.

In 1769 werd hij benoemd tot onbezoldigd concertmeester aan het aartsbisschoppelijk hof van Salzburg. Mozart maakte van 1769 tot 1771 de eerste van zijn drie reizen naar Italië. Hij schreef daar zijn eerste strijkkwartet en nam enige lessen bij de befaamde muziekgeleerde en componist Padre Martini. In Rome wist hij het Miserere van Gregorio Allegri (1582-1652), dat niet buiten de Sixtijnse kapel mocht worden verbreid, na één keer horen uit het hoofd op te schrijven. In 1770 leidde hij te Milaan de première van zijn eerste ernstige opera, Mitridate, rè di Ponto , en baarde alom als wonderkind opzien met zijn capaciteiten. Hij ontving van de paus de orde van de Gouden Spoor en werd lid van de Accademia Filarmonica van Bologna en van Verona.

De tweede Italiaanse reis (1771) had tot voornaamste doel in Milaan de opera Ascanio in Alba ten doop te houden. Tijdens zijn laatste reis naar Italië (1772-1773), o.a. voor de première van de opera Lucio Silla (1772), probeerde Mozart tevergeefs een baan bij de groothertog van Toscane te krijgen. Ook in Wenen kreeg hij geen vaste voet aan de grond, evenmin als in München, waarheen hij gereisd was voor de eerste opvoering van zijn opera La finta giardiniera (1775).

Ondertussen legde Mozart een enorme werkkracht aan de dag bij het componeren in veel verschillende genres. In Salzburg schreef hij in 1773 het eerste van zijn 27 pianoconcerten (waaronder 1 voor twee en 1 voor drie klavieren). Ook legde hij zich weer meer toe op het vioolspel, wat leidde tot het eerste van zijn vijf vioolconcerten (1775).

Tijdens een reis door Duitsland en Frankrijk (1777-1779) leerde Mozart het beroemde Mannheimer orkest kennen, wat van betekenis was voor zijn instrumentatiekunst. Ook ontmoette hij in Mannheim zijn eerste grote liefde, de zangeres Aloysia Weber (1760-1839), die hem echter al gauw afwees. Teruggekeerd in Salzburg werd Mozart hoforganist. De stroom composities hield aan. Zo schreef hij voor München zijn eerste voluit geniale opera, Idomeneo, rè di Creta (1781).

Het niveau van de Salzburgse hofmuziek en de gespannen verhouding met zijn werkgever benauwden Mozart hoe langer hoe meer. Hij liet het in 1781 op ontslag aankomen en was daarmee een vrij man. Hij probeerde nu als zelfstandig musicus in Wenen zijn brood te verdienen, welke onafhankelijkheid tamelijk nieuw was voor die tijd. Aanvankelijk leek het waagstuk met succes te worden bekroond. Mozart trad veel op als pianist, kreeg leerlingen en ondervond enige protectie van de aristocratie. Een indrukwekkend rijke vloed van composities stroomde uit zijn pen. In 1782 was de première van zijn zangspel Die Entführung aus dem Serail een groot succes. Voor een aantal Italiaanse opera's, nl. Le nozze di Figaro (1768), Don Giovanni (1787) en Così fan tutte (1790), werkte hij samen met de handige librettist Lorenzo da Ponte (1749-1838).

In 1782 trouwde hij met Konstanze Weber (1763-1842), zuster van Aloysia. Uit dit huwelijk werden zes kinderen geboren. De jongste zoon, Wolfgang Amadeus Mozart (1791-1844), doopnamen Franz Xaver Wolfgang, werd een verdienstelijk componist, pianist en koordirigent.

Mozart werd in 1787 in Wenen benoemd tot kamermusicus en -componist van de keizer. Dit jaar was een ommekeer in zijn leven. Hij trad van nu af aan nog maar zelden op en het aantal leerlingen verminderde. Hij had alle reden zich miskend te voelen. Zo heeft hij de toppen uit zijn oeuvre voor orkest, de laatste drie symfonieën (in Es, in g en de Jupitersymfonie in C, alle uit 1788), waarschijnlijk nooit horen spelen. Veel muziekliefhebbers vonden zijn werk te moeilijk. De componist ontbrak het bovendien aan zakelijk instinct en hij raakte in ernstige financiële moeilijkheden. Tevergeefs probeerde hij die op te lossen door drie reizen. De eerste hiervan (1789) liep o.a. over Leipzig (waar hij de muziek van Bach nader bestudeerde) en Berlijn (waar opdrachten van koning Friedrich Wilhelm II leidden tot het ontstaan van zijn laatste drie strijkkwartetten, de zgn. Pruisische kwartetten , en de laatste pianosonate). De tweede tournee (1790) had tot voornaamste doel Frankfurt, waar Leopold II tot keizer werd gekroond en Mozart op eigen gelegenheid een concert gaf. De derde reis (1791) ging naar Praag (waar een groep bewonderaars van zijn muziek woonde) voor de première van de opera La clemenza di Tito (libretto: Metastasio). Dit werk werd binnen achttien dagen gecomponeerd en ingestudeerd.

In 1791 werd Mozart in Wenen benoemd tot onbezoldigd adjunct-kapelmeester aan de Stephansdom. Hij voltooide Die Zauberflöte , waarvan het succes eerst matig was, maar al snel toenam. Vooral dit werk zou vlak na zijn dood zijn roem snel verbreiden. Aan de tekst, vol ideeën uit de vrijmetselarij, waarbij hij zich in 1784 had aangesloten, heeft niet alleen de librettist Emanuel Schikaneder (1751-1812) gewerkt, maar ook de componist zelf. Op zijn sterfbed componeerde Mozart nog aan een requiem, waarvoor hij opdracht had gekregen, maar dat hij niet meer kon voltooien. Hij overleed op 5 december 1791 in Wenen. Zijn stoffelijk overschot werd bijgezet in een armengraf, waarvan de juiste plaats al na korte tijd niet meer bepaald kon worden.

Werken

Aangezien Mozart tot pianist en - in mindere mate - tot violist opgeleid was, nemen de sonates (voor piano en voor viool en piano) en de piano- en vioolconcerten een belangrijke plaats in zijn oeuvre in. Zijn vroegste pianosonates zijn nog zeer sterk door anderen beïnvloed, in het bijzonder door Johann Christian Bach, die hij in Londen leerde kennen. In het begin van de jaren zeventig ontwikkelde zich een eigen stijl van een driedelige sonate met sterk contrasterende thema's; allengs werd de harmoniek gevarieerder en de emotionele geladenheid van de laatste sonates en van de Fantasie in c wijst vooruit naar de Romantiek. Mozarts eerste vioolsonates uit de Parijse en Londense tijd zijn geschreven volgens het toen gebruikelijke patroon, waarin de vioolpartij niet meer is dan een aanvulling op een soort pianosonate. Sinds zijn verblijf in Mannheim en vooral Parijs (1777-1779) ontwikkelde zich een evenwicht tussen beide partijen.

Ook Mozarts vroegste symfonieën zijn geheel volgens de mode geschreven naar werken die hij in Parijs en Londen hoorde, in een onproblematische, galante stijl. Vooral na zijn kennismaking met het Mannheimer orkest neemt hij als symfonicus een zelfstandige plaats in, met een meer briljante stijl, waarin de behandeling van de blazerssectie als een eigen eenheid nieuw was. Na de Parijse symfonie (nr. 31) uit 1778 ontstonden o.a. de Haffner-symfonie (nr. 35, 1783), de Linzer symfonie (nr. 36, 1784), de Praagse symfonie (nr. 38, 1786) en de drie laatste symfonieën (nrs. 39, 40 en 41) uit 1788, de meest `klassieke', waarvan die in g de kiemen van de romantische symfonie draagt. In deze symfonieën zijn de melodieën expressief, o.m. door het toepassen van chromatiek, en harmonisch gaan ze steeds sterker spreken. Door zijn behandeling van de blazers, in het bijzonder de houtblazers, bereikte Mozart nieuwe effecten in klankkleur, en in de laatste symfonieën verraden contrapuntische momenten zijn interesse voor het oeuvre van Bach.

Geheel volgens het tijdsbeeld waarin piano- en vioolsolisten de publieke aandacht gingen trekken, schreef Mozart zijn piano- en vioolconcerten. De laatste werden alle vijf in 1775 geschreven, daarna verdween zijn belangstelling voor de viool. Als pianist, met grote interesse voor de ontwikkeling van de piano die toen aan de gang was, schreef Mozart zijn pianoconcerten, waarmee hij ook de kans had (vooral in Wenen) om zich met zijn optredens een publiek te verwerven. Meer dan zijn tijdgenoten had hij naast briljante solopartijen aandacht voor de instrumentatie van het orkest, dat een evenwichtige samenspraak met de solist voert. Het laatste soloconcert dat Mozart componeerde, was voor klarinet, een nieuw instrument in het orkest; het is niet meer zozeer in de virtuoze concertstijl geschreven en draagt een meer introspectief karakter.

Van Mozarts strijkkwartetten zijn in het bijzonder de zes Haydn-kwartetten (1782-1785) bekend geworden. Mozart droeg ze op aan Haydn, die hij in Wenen had leren kennen en voor wie hij grote bewondering had. De kwartetten zijn overigens niet in Haydns stijl geschreven en zijn vooral harmonisch vooruitstrevender. Verder schreef Mozart strijkkwintetten, een klarinetkwintet, en pianotrio's en -kwartetten.

De divertimenti en serenades zijn in de eerste plaats als onderhoudende muziek geschreven. De bezettingen zijn wisselend; de serenade Eine kleine Nachtmusik (1787) is bijv. alleen voor strijkers, de Haffner-serenade (1776) en de Posthoornserenade (1779) daarentegen zijn meer symfonisch van karakter.

Van Mozarts liedcomposities zijn er maar enkele die nog uitgevoerd worden. Het zijn meest strofische liederen; het genre werd verder niet vernieuwd en had klaarblijkelijk niet zijn voorkeur.

In zijn opera's streefde Mozart vooral naar het tekenen van menselijke karakters. Dit kwam in zijn eerste opera's in Italiaanse stijl en in Bastien und Bastienne nog weinig naar voren. Voor dit streven leende zich de opera buffa (met personen uit het dagelijks leven) meer, wat leidde tot de drie belangrijke opera's Le nozze di Figaro, Don Giovanni en Così fan tutte. Vooral in het begeleide recitatief bereikte Mozart een grote dramatische zeggingskracht; de zangpartijen werden meer met het orkest geïntegreerd en de ensemblearia's vormen een hoogtepunt van contrapuntisch vakmanschap. Die Entführung aus dem Serail sluit nauw aan bij het Duitse Singspiel, al is er aan de muziek wel meer gewicht gegeven. Die Zauberflöte is ook uit het Singspiel voortgekomen, maar is door het belichten van meer universele elementen dan van karakters moeilijk in een genre onder te brengen. Deze opera vormt wel een van de wortels van de Duitse romantische opera.

Mozarts geestelijke muziek ontstond voor het overgrote deel in dienst van de aartsbisschop van Salzburg, o.m. de Krönungsmesse uit 1779. Deze muziek is vaak iets conventioneler en plichtmatiger geschreven dan zijn overige werk, al bereikt Mozart af en toe momenten die met zijn symfonieën of opera's vergelijkbaar zijn. In Wenen, waar juist de kerkelijke pracht (en daarmee de muziek) ingeperkt werd, schreef hij nog een Ave verum (1791) en het Requiem , dat door zijn leerling Franz X. Süssmayr (1766-1803) voltooid werd.

Mozart is een der Weense klassieken, samen met Haydn en Beethoven. Bij zijn leven werd zijn stijl nogal eens overladen en moeilijk geacht. Kort daarop hadden de vroeg-romantici veel oor voor de licht- en schaduwwerkingen, voor het ongrijpbare en diepzinnige uit het latere werk. In de tweede helft van de 19e eeuw ging Mozart door voor de meester der zuivere, evenwichtige, ideale schoonheid, welk beeld soms vervlakte tot dat van de eeuwig lachende, oppervlakkige jongeling. Daarentegen werd in de 20e eeuw vaak de nadruk gelegd op de tragiek in zijn leven en werk.

Zijn oeuvre werd gecatalogiseerd door Ludwig Köchel (1800-1877) in het Chronologisch-thematisches Verzeichnis Sämtlicher Tonwerke W.A.Mozarts , het Köchelverzeichnis (1862), waarvan de nummering bij Mozarts werk begeleid wordt door de afkorting K of KV. Het telt 626 nummers. Allegri, Gregorio Bach, Johann Christian Beethoven, Ludwig van Haydn, Franz Joseph Martini, Giambattista Süssmayr, Franz (Xaver).

Overzicht van zijn leven

1756:

27 januari wordt Wolfgang geboren. Zoon van Leopold Mozart en Anna Maria Pertl.

1761:

Eerste optreden van de kleine Wolfgang in ‘Sigismund' van Eberlin.
Wolfgang schrijft zijn eerste composities.

1762:

Reis naar München.
Reis naar Wenen en Pressburg.

1763-1766:

Concertreis door Europa. Parijs, Londen, Nederland, Zuiderlijke Nederlanden, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland.

1767:

Tweede reis naar Wenen.

1768:

Bastien en Bastienne.

1769:

Wolfgang wordt concertmeester.

1769-1771:

Eerste reis naar Italië.

1770:

Wolfgang wordt tot ridder benoemd.

1771:

Tweede reis naar Italië.

1772-1773:

Derde reis naar Italië.

1773:

Verhuis naar het Tanzmeisterhaus.
Derde reis naar Wenen.

1777-1778:

Tweede reis naar Parijs.

1778:

3 juli sterft Wolfgangs moeder in Parijs.

1779:

Wolfgang wordt hoforganist.

1781:

Reis naar Wenen in opdracht van de aartsbisschop. Breuk met Colloredo. Wolfgang blijft in Wenen.

1782:

4 augustus trouwt Wolfgang met Konstanze Weber.

1783:

Bezoek bij Leopold in Salzburg.
Wolfgangs eerste zoon geboren en gestorven.

1784:

21 september, Karl, tweede zoon, wordt geboren.

1785:

Leopold komt op bezoek in Wenen.

1786:

Le nozze di Figaro.
Derde zoon geboren en gestorven.

1787:

28 mei sterft Leopold Mozart in Salzburg.
Don Giovanni.
Wolfgang wordt ‘Kaiserlich-königlicher Kammermusiker' in Wenen.
Theresia, vierde kind, wordt geboren.

1788:

Theresia sterft.

1789:

Reis naar Dresden, Leipzig en Berlijn.
Tweede dochter, Anna, geboren en gestorven.

1790:

Così fan tutte.
Reis naar Frankfurt waar Leopold II gekroond wordt.

1791:

26 juli wordt Franz Xaver Wolfgang geboren.
Reis naar Praag.
Die Zauberflöte.
Requiem.
5 december sterft Wolfgang Amadé Mozart. Op het doktersbulletin staat als doodsoorzaak ‘hitziges Frieselfieber' (letterlijk: vurige huidkoorts).
Mozart wordt op 6 december begraven.